[
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:98 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7644",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZRSHE_2026_98",
    "date": "03-06-2026",
    "description": "Klacht ingediend door de kleinzoon van een gedurende deze procedure  overleden patiënte.\n                           Klager is ontvankelijk door combinatie van een medische en een algemene volmacht voor\n                           overige aangelegenheden gericht aan klagers vader en aan klager, de akkoordverklaring\n                           van de vader en instemming van de vader met voortzetting van de klacht na overlijden\n                           van patiënte. De klacht is kennelijk ongegrond. Geklaagd wordt over de kwaliteit van\n                           de geleverde zorg en de communicatie onder andere over de hoedanigheid van verweerster.\n                           De omstandigheden waarop de klacht is gebaseerd en de verweten handelingen worden\n                           niet vastgesteld door het college."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:101 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8404",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZRSHE_2026_101",
    "date": "03-06-2026",
    "description": "Klacht tegen chirurg ongegrond. Ductus choledochus doorgenomen in plaats van ductus\n                           cysticus. Gezien de voorgeschiedenis en beeldvorming was inzetten laparoscopische\n                           operatie niet verwijtbaar. Handelen tijdens operatie ook niet tuchtrechtelijk verwijtbaar."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:99 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8756",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZRSHE_2026_99",
    "date": "03-06-2026",
    "description": "Ongegronde klacht tegen een verzekeringsarts. Klaagster verwijt de verzekeringsarts\n                           dat zijn onderzoek naar de belastbaarheid van klaagster onvolledig is omdat hij geen\n                           eigen medisch onderzoek heeft verricht en hij heeft nagelaten de totale medische en\n                           sociale situatie van klaagster te beoordelen. Het college komt tot het oordeel dat\n                           de klacht kennelijk ongegrond is. Het college oordeelt dat de verzekeringsarts niet\n                           tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Hij heeft het verzekeringsgeneeskundig\n                           onderzoek zorgvuldig en conform de daarvoor geldende normen uitgevoerd."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:100 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8937",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZRSHE_2026_100",
    "date": "03-06-2026",
    "description": "Ongegronde klacht tegen een verzekeringsarts. Klaagsters, moeder en dochter, verwijten\n                           verweerster dat het rapport dat verweerster op heeft opgemaakt in het kader van een\n                           hernieuwde beoordeling van de aanvraag voor een Wajonguitkering van dochter, ernstige\n                           onjuistheden bevat, niet zorgvuldig is opgemaakt en dat verweerster zich over moeder\n                           heeft uitgelaten op een wijze die niet correct is. Het college komt tot het oordeel\n                           dat de klacht ongegrond is."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:126 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9173",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZRAMS_2026_126",
    "date": "02-06-2026",
    "description": "Gegronde klacht tegen een verpleegkundige. Klager verwijt de verpleegkundige dat zij\n                           als zijn ex-schoonzus en als psychiatrisch verpleegkundige een verklaring over (de\n                           psychische gesteldheid van) hem heeft opgesteld. Het college oordeelt dat de verpleegkundige\n                           verwijtbaar gehandeld door in haar hoedanigheid van verpleegkundige een verklaring\n                           op te stellen zonder ooit een behandelrelatie met klager te hebben gehad en in de\n                           wetenschap dat deze verklaring in een gerechtelijke procedure zou worden gebruikt.\n                           Bovendien is de inhoud van haar verklaring niet objectief en is deze niet uitsluitend\n                           op feiten gebaseerd. Berisping opgelegd vanwege ernst verwijt, daarbij weegt mee dat\n                           inzicht in onjuistheid handelen onvoldoende is gebleken."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9560",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZRAMS_2026_127",
    "date": "02-06-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen een verpleegkundige, werkzaam als doktersassistente.\n                           Klaagster verwijt de verpleegkundige dat zij heeft verboden om het alarmnummer 112\n                           te bellen en dat de verpleegkundige de triageprotocollen niet (goed) heeft gevolgd\n                           waardoor vertraging is opgetreden in de (spoed)zorg voor klaagster. Klacht is ontvankelijk:\n                           de feitelijk werkzaamheden (triage) behoren tot de taken van een verpleegkundige.\n                           De klachtonderdelen zijn ongegrond: uit niets blijkt dat de verpleegkundige zou hebben\n                           verboden om het alarmnummer te bellen. Op basis van de NHG-Triagewijzer zijn de noodzakelijke\n                           vragen gesteld en in het huisartsenjournaal genoteerd. Er waren geen aanwijzingen\n                           dat klaagster instabiel was en de urgentie is terecht ingeschat als U3."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:109 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2756",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZCTG_2026_109",
    "date": "01-06-2026",
    "description": "."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:110 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2944",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZCTG_2026_110",
    "date": "01-06-2026",
    "description": "."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:111 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2906",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZCTG_2026_111",
    "date": "01-06-2026",
    "description": "Klaagster is in oktober 2014 naar de SEH doorverwezen vanwege ruim een week aanhoudende\n                           koorts. Zij is opgenomen waarna er een forse longontsteking is vastgesteld. Hierna\n                           kreeg klaagster beginnende uitvalsverschijnselen, waarbij eerst werd gedacht aan migraine\n                           met aura. Toen de situatie van klaagster verslechterde en zij meerdere uitvalsverschijnselen\n                           kreeg, werd na een CT-scan uitgegaan van hersenabcessen. Uiteindelijk bleek dat klaagster\n                           meerdere herseninfarcten had doorgemaakt. De arts was destijds als arts-assistent\n                           op de SEH betrokken bij de opname en behandeling van klaagster. De klacht van klaagster\n                           tegen de arts bestaat uit meerdere onderdelen, die zien op de opname en behandeling\n                           op de SEH door de arts, de deskundigheid van de arts en het overleg van de arts met\n                           haar supervisor. Het Regionaal Tuchtcollege te Amsterdam heeft beslist dat de klacht\n                           van klaagster tegen de arts in al haar onderdelen kennelijk ongegrond is. Het Centraal\n                           Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel en verwerpt het beroep van klaagster."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:112 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2907",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZCTG_2026_112",
    "date": "01-06-2026",
    "description": "Klacht tegen internist. Klaagster is in oktober 2014 naar de SEH doorverwezen vanwege\n                           ruim een week aanhoudende koorts. Zij is opgenomen waarna er een forse longontsteking\n                           is vastgesteld. Hierna kreeg klaagster beginnende uitvalsverschijnselen, waarbij eerst\n                           werd gedacht aan migraine met aura. Toen de situatie van klaagster verslechterde en\n                           zij meerdere uitvalsverschijnselen kreeg, werd na een CT-scan uitgegaan van hersenabcessen.\n                           Uiteindelijk bleek dat klaagster meerdere herseninfarcten had doorgemaakt. De internist\n                           was betrokken als hoofdbehandelaar tijdens klaagsters opname op de afdeling Interne.\n                           De klacht van klaagster tegen de internist bestaat uit meerdere onderdelen, die zien\n                           op zijn rol als supervisor, communicatie en dossiervoering. Het Regionaal Tuchtcollege\n                           te Amsterdam heeft beslist dat de klacht van klaagster tegen de internist in al haar\n                           onderdelen kennelijk ongegrond is. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel\n                           en verwerpt het beroep van klaagster."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:113 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2908",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZCTG_2026_113",
    "date": "01-06-2026",
    "description": "Klacht tegen neuroloog. Klaagster is in oktober 2014 naar de SEH doorverwezen vanwege\n                           ruim een week aanhoudende koorts. Zij is opgenomen waarna er een forse longontsteking\n                           is vastgesteld. Hierna kreeg klaagster beginnende uitvalsverschijnselen, waarbij eerst\n                           werd gedacht aan migraine met aura. Toen de situatie van klaagster verslechterde en\n                           zij meerdere uitvalsverschijnselen kreeg, werd na een CT-scan uitgegaan van hersenabcessen.\n                           Uiteindelijk bleek dat klaagster meerdere herseninfarcten had doorgemaakt. De neuroloog\n                           was betrokken als hoofdbehandelaar tijdens klaagsters opname op de afdeling Neurologie.\n                           De klacht van klaagster tegen de neuroloog bestaat uit meerdere onderdelen, die samengevat\n                           zien op het medisch handelen van de neuroloog en de samenwerking met andere specialisten/artsen.\n                           Het Regionaal Tuchtcollege te Amsterdam heeft beslist dat de klacht van klaagster\n                           tegen de neuroloog in al haar onderdelen kennelijk ongegrond is. Het Centraal Tuchtcollege\n                           komt tot hetzelfde oordeel en verwerpt het beroep van klaagster."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:114 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2909",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZCTG_2026_114",
    "date": "01-06-2026",
    "description": "Klaagster is in oktober 2014 naar de SEH doorverwezen vanwege ruim een week aanhoudende\n                           koorts. Zij is opgenomen waarna er een forse longontsteking is vastgesteld. Hierna\n                           kreeg klaagster beginnende uitvalsverschijnselen, waarbij eerst werd gedacht aan migraine\n                           met aura. Toen de situatie van klaagster verslechterde en zij meerdere uitvalsverschijnselen\n                           kreeg, werd na een CT-scan uitgegaan van hersenabcessen. Uiteindelijk bleek dat klaagster\n                           meerdere herseninfarcten had doorgemaakt. De arts was destijds als arts-assistent\n                           van de afdeling Interne betrokken bij de behandeling van klaagster. De klacht van\n                           klaagster tegen de arts bestaat uit meerdere onderdelen, die zien op de behandeling\n                           van klaagster en de houding en deskundigheid van de arts. Het Regionaal Tuchtcollege\n                           te Amsterdam heeft beslist dat de klacht van klaagster tegen de arts in al haar onderdelen\n                           kennelijk ongegrond is. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel en verwerpt\n                           het beroep van klaagster."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:108 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2723",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/zoeken/resultaat/uitspraak/2026/ECLI_NL_TGZCTG_2026_108",
    "date": "01-06-2026",
    "description": "."
  }
]